Spoorbouwmeester

2018 - heden Eric Luiten | Spoorbouwmeester
Eric Luiten is Spoor­bouwmeester vanaf 1 januari 2018. Als zodanig adviseert hij (de directies van) ProRail en NS over stedenbouw, architectuur, interieur, landschap en grafische vormgeving. Daarnaast is hij verantwoordelijk voor de actualisering, toepassing en doorontwikkeling van het Spoorbeeld: het overkoepelend vormgevingsbeleid van de spoorsector. Als boegbeeld van Bureau Spoor­bouwmeester draagt hij het Spoorbeeld uit. Met de benoeming van een nieuwe Spoor­bouwmeester onderstrepen ProRail en NS het belang van integrale ruimtelijke kwaliteit binnen de spoorsector. Beide spoorpartners beschouwen gezamenlijke sturing op kwaliteit als essentieel om de ambities van het spoor te kunnen realiseren. Onderlinge (ruimtelijke) samenhang komt het openbaar vervoer ten goede, bevordert de identiteit van het spoor en draagt bij aan een optimale beleving bij de reiziger.
Van 2009 tot 2012 was Luiten provinciaal adviseur ruimtelijke kwaliteit van de provincie Zuid-Holland.

2014 - 2017 Bert Dirrix | Spoorbouwmeester
Als Spoorbouwmeester was Bert Dirrix verantwoordelijk voor het Spoorbeeld, het vormgevingsbeleid van de Spoorsector dat onder Koen van Velsen verbreed is van stations en het interieur op stations tot het station in zijn omgeving en de inpassing van het spoor in stad en landschap. De Spoorbouwmeester adviseert ProRail en NS op het gebied van het Spoorbeeld en heeft een actieve rol om het beleid actueel te houden. Hij geeft leiding aan het Bureau Spoorbouwmeester en is op het gebied van architectuur en grafische vormgeving nauw betrokken bij diverse ontwerp- en vormgevingsprojecten bij zowel kleine stations als de grote stationsprojecten van Amsterdam, Den Haag, Arnhem, Utrecht en Breda. Vergelijkbaar met de Rijksbouwmeester wordt de positie van Spoorbouwmeester ingevuld door een ontwerper die met beide benen in de beroepspraktijk staat, in deeltijd, voor een periode van drie jaar.

2009 - 2014 Koen van Velsen | Spoorbouwmeester
Koen van Velsen vervulde vanaf 1 januari 2009 hij de functie van Spoor­bouwmeester. Hij combineert dit werk met dat van zijn eigen architectenbureau. Met bijzondere aandacht voor de integrale aanpak van ontwerpopgaven zette hij zich als Spoor­bouwmeester in voor een betere aansluiting van stations op de omgeving en de betekenis van stations binnen de context. Daarnaast had hij veel aandacht voor het ruimtelijk beeld van het gehele spoor, het station als knooppunt en de impact die de spoorinfrastructuur heeft op de omgeving en op de reizigers. Binnen dit kader nam hij het initiatief tot verbreding van het Spoorbeeld naar de stationsomgeving, het spoor, de spooromgeving en de trein zelf.

2005 - 2008 Nathalie de Vries | Spoorbouwmeester
Nathalie de Vries nam op 1 augustus 2005 nam de functie van Spoor­bouwmeester over van Rob Steenhuis. Onder haar regie kwam onder andere De Collectie tot stand: vijftig stationsgebouwen als cultureel erfgoed van de spoorwegen in Nederland. Naast haar inzet voor het spoorerfgoed speelde ze een belangrijke rol bij de implementatie van het Spoorbeeld. Centraal onderdeel waren ook de Nieuwe Sleutelprojecten (NSP). Ze was een drijvende kracht achter de brede NSP overleggen met projectpartijen, rijk en architecten over de kwalitatieve uitgangspunten voor het ontwerp van de NSP stations in aanvulling op de standaard functioneel technische programma’s van eisen. Bij één station bleef zij ook na haar terugtreden als Spoor­bouwmeester betrokken: Station Breda, een ontwerp van haar opvolger Koen van Velsen.

2000 - 2005 Rob Steenhuis | Spoorbouwmeester
In 2001 werd door de directies van NS en ProRail Bureau Spoor­bouwmeester opgericht als een onafhankelijk adviserend orgaan voor beide partijen. Spoor­bouwmeester Rob Steenhuis (1949), die als architect bij het ingenieursbureau van NS reeds lange ervaring had opgedaan met het ontwerp van stationsgebouwen, kreeg de leiding. Onder hem werd het Spoorbeeld opgezet en kwam de eerste versie van de Spoorbeeldgids tot stand. Zijn werk concentreerde zich op beleidsvoorbereiding en advies. Hij speelde een belangrijke rol bij het agenderen van de identiteit van het reizen per trein en de identiteit van de spoorsector als geheel. Onder Rob Steenhuis en in samenwerking met de toenmalige Rijksbouwmeester Jo Coenen werd tevens begonnen met de integrale benadering van de Nieuwe Sleutelprojecten (NSP): de zes grootschalige ontwikkelingsplannen voor de stations Amsterdam Zuidas, Arnhem, Breda, Den Haag, Rotterdam en Utrecht en de koppeling van deze stations aan het Europese Hogesnelheidsnet.

1998-1999 Marius Reichert | Spoorbouwmeester
Als opvolger van Harry Reijnders trad Marius F.M. Reichert (1935-1999) aan als Spoor­bouwmeester. Tot op dat moment had hij reeds een lange carrière bij het spoor achter de rug die begon in 1981 als hoofd van het architectenbureau van Articon. Daarvoor werkte hij onder andere als architect bij DHV. Na de fusie van Articon met Heidemij in 1998, waaruit Arcadis ontstond, ging hij gedeeltelijk met vervroegd pensioen. Voor twee dagen in de week bleef hij werkzaam binnen de sector als de nieuwe Spoor­bouwmeester. Marius F.M. Reichert bekleedde de functie maar kort. Hij overleed plotseling, in 1999,nog geen jaar na zijn aanstelling.

1983 - 1998 Harry Reijnders | Spoorbouwmeester
Na het vertrek van Cees Douma als Spoor­bouwmeester werd Harry Reijnders (1954) benoemd als Bouwmeester NS. Reijnders (1954) was daarvoor al geruime tijd actief binnen de spoorsector. In 1983 kwam hij in dienst bij het ingenieursbureau van de NS, het huidige Movares. Naast architecten als Peter Kilsdonk en Rob Steenhuis was hij onder Douma in de jaren tachtig van de vorige eeuw verantwoordelijk voor een nieuwe generatie stations. Zo ontwierp hij onder meer het stationsgebouw van Amsterdam Sloterdijk (1986). In 1993 en 1996 volgden respectievelijk de stations Rotterdam Blaak en Leiden Centraal. De functie van NS-bouwmeester bekleedde hij tot april 1998.

1960 - Cees Douma | Spoorbouwmeester (Bouwmeester NS)
Cees Douma kwam in 1960 dienst bij de NS. Onder Van der Gaast was hij als architect verantwoordelijk voor een groot aantal stations, waaronder Emmen (1965), Etten-Leur (1965), Heerhugowaard (1967), Weesp (1967), Rotterdam Lombardijen (1968) en Gorinchem (1971). In 1975 nam hij het stokje over van Van der Gaast en gaf hij leiding aan de afdeling Gebouwen, Stedenbouw en Vormgeving bij de NS. Douma’s architectuur laat een ontwikkeling zien die duidelijk samenvalt met de veranderende cultuur binnen de spoorwegen. Onder invloed van beperkte budgetten en bezuinigingen kenmerkten veel oudere stations zich door soberheid. Dat veranderde na 1980, mede door het aantrekken van een nieuwe generatie architecten. Zijn laatste stationsontwerp is dat van Leerdam (1987). In 1990 werd Douma’s functie onder invloed van reorganisaties geherwaardeerd tot Bouwmeester NS. In 1995, nog tijdens het Spoor­bouwmeesterschap van Cees Douma, werd de NS gesplitst. De exploitatie van de stations werd voor het grootste deel bij de NS ondergebracht. Het beheer en onderhoud van het spoor, de perrons en de transferruimten kregen een plek bij ProRail. Na de splitsing werd in 1996 binnen NS Corporate Communicatie een afdeling Vormgeving opgericht. Douma werd als Spoor­bouwmeester verantwoordelijk voor de corporate vormgeving; een taak die tot dat moment onderdeel was geweest van NS Design. Vanaf dit moment ontwikkelt het Spoor­bouwmeesterschap zich van architect van stations tot een breder gepositioneerde regisseur van ontwerpopgaven binnen de spooromgeving. Naast industriële- en grafische vormgeving werd architectuur een van de vormgevingsdisciplines binnen de nieuwe afdeling. Naast Douma speelden adviseurs Niels Greif en Geertje Ponjée een belangrijke rol bij de ontwikkeling van het Spoor­bouwmeesterschap.

1953 - Koenraad van der Gaast | Spoorbouwmeester (architect NS)
Koenraad van der Gaast studeerde af an de technische Hogeschool Delft bij Van den Broek en werkte vervolgens bij architectenbureau P.J. Koster in Zeist. Hij combineerde dat met een functie als medewerkend architect op het architectenbureau van de Nederlandse Spoorwegen, dat destijds nog onder leiding stond van Schelling en Van Ravesteyn. In 1953, na het terugtreden van Schelling en Van Ravesteyn, nam Van der Gaast het roer over. Hij wordt wel beschouwd als de eerste Spoor­bouwmeester nieuwe stijl omdat hij als eerste het gehele Nederlandse netwerk onder zijn hoede had. Bovendien ontwikkelde hij als hoofd van het architectenbureau van de NS vanaf zijn aanstellingsjaar een eigen visie op het stationsgebouw. Zijn eerste grote project was het station van Eindhoven, dat in 1956 werd voltooid.

Dit overzicht is hoofdzakelijk ontleend aan de website van de Spoorbouwmeester